|
De concrete toepassing van het systeem dat effectieve
communicatie tussen huisartsen en dienstwaarnemers op de
huisartsenpost mogelijk maakt komt nu heel dichtbij. Enkele
innovatieve leveranciers zijn gestart met een proefimplementatie
van de ontwikkelde berichten in hun HAP- en HIS-systemen. Half
april worden de eerste resultaten verwacht.
Door de vergrijzing neemt de behoefte aan huisartsenzorg toe,
maar veel vacatures voor huisartsen blijven onvervuld, onder
andere omdat de nieuwe aanwas parttime wil werken en het animo
voor het beroep afneemt. Hierdoor neemt de behoefte aan het
aantal huisartsenposten toe. Deze dienstwaarnemers zijn ervoor om
de patiënten zorg te verlenen als hun eigen huisarts niet
beschikbaar is. Probleem hierbij is dat zij nog slechts
sporadisch kunnen beschikken over de medische historie van hun
patiënten. Het niet kunnen inzien van het
patiëntendossier kan de waarnemer hinderen in het
vaststellen van zijn diagnose. De patiënt is zelf niet
altijd in staat om alle belangrijke informatie te verstrekken of
zijn gebruikte medicijnen te noemen. Diens vaste huisarts is voor
de waarnemer in veel gevallen ook niet direct bereikbaar.
Elektronische communicatie tussen de huisarts en de waarnemer
kan deze problemen voor een groot deel effectief oplossen. Onder
huisartsenposten en districtshuisartsenverenigingen bestaat grote
behoefte aan inzage van het dossier tijdens de dienstwaarneming.
Door middel van het project Waarneming huisartsen zet NICTIZ
concrete stappen om dit tot stand te brengen. Het project
verkeert nu in een cruciale fase.
PROFESSIONELE SAMENVATTING Op de huisartsenpost moet de
dienstwaarnemer de beschikking hebben over de actuele
patiëntgegevens. Die informatie moet wel compact zijn. Zij
hebben immers slechts beperkt tijd voor iedere patiënt.
Daarom is samen met het NHG gewerkt aan de opzet van een
Professionele Samenvatting (PS): op grond van reële
patiëntinformatie wordt getoetst welke informatie nodig is
bij om een patiënt zo optimaal mogelijk de anamnese te
kunnen afnemen, samen met de relevante gegevens van die
patiënt – niet te veel, niet te weinig.
Daarnaast moet de vaste huisarts weten welke van zijn
patiënten een waarnemer hebben bezocht en tot welke diagnose
en behandeling dit contact heeft geleid. Ook de terugkoppeling
van deze gegevens dient bij voorkeur elektronisch te geschieden.
Dit wordt vastgelegd in het zogeheten Waarneem Retour Bericht
(WRB). Hiermee wordt het mogelijk gegevens van het
waarneemconsult geheel of gedeeltelijk over te nemen in het
patiëntdossier van de vaste huisarts, op de plaats waar deze
thuishoren (diagnose bij diagnose, medicatie bij medicatie,
enzovoort). Dit maakt een einde aan de huidige werkwijze, waarbij
de vaste huisarts de patiëntgegevens die hij per fax of
e-mail krijgt zelf in het patiëntendossier in het HIS moet
invoeren. Dit levert voor de huisarts efficiencywinst op.
OPROEP Enkele vooruitstrevende leveranciers zijn gestart
met de implementatie van de waarneemfunctionaliteit in hun HAP-
en HIS-systemen. Andere leveranciers hebben eveneens concrete
plannen hiertoe. In Breda is dit bij een huisartsenpost al
gebeurd.
Half april zijn de berichtdefinities van de waarneming
vastgesteld en kan de volgende stap worden gezet. NICTIZ roept nu
regionale huisartsverenigingen (RHV’s),
districtshuisartsenverenigingen (DHV’s) of individuele
huisartsenposten op om – bij een concrete behoefte aan
verbetering van de functionaliteit rond de waarneming –
zich aan te melden. Dit kan via info - AT - nictiz.nl. Op basis hiervan
zal een gestructureerde, constructieve dialoog met leveranciers
worden gevoerd. Insteek van deze gesprekken is de brede invoering
van een waarneemfunctionaliteit in de praktijk.
Nationaal ICT Instituut in de Zorg (NICTIZ)
In september 2000 hebben koepelorganisaties in de zorg –
onder meer vertegenwoordigers van patiënten, zorgaanbieders
en instellingen in de cure-, care- en preventiesector – de
intentieverklaring getekend om zo snel mogelijk een landelijke
elektronische infrastructuur in de zorg te realiseren. NICTIZ is
opgericht om invulling te geven aan de randvoorwaarden voor deze
infrastructuur, die nodig is voor het tot stand brengen van een
landelijk Elektronisch Patiënten Dossier (EPD). Dit dossier
moet een betere informatievoorziening rondom en voor de
patiënt mogelijk maken, en de kwaliteit en doelmatigheid in
de zorg verhogen. Als eerste hoofdstuk van het EPD richt NICTIZ
zich op het medicatiedossier, dat naar verwachting in 2006
landelijk beschikbaar zal zijn.
 |